Medicatieveiligheid is een cruciaal aspect van de gezondheidszorg, aangezien bijwerkingen van geneesmiddelen kunnen leiden tot ernstige schade of zelfs overlijden. In Nederland worden geautomatiseerde beslissingsondersteunende systemen gebruikt in openbare en poliklinische apotheken om medicatiebewakingssignalen te genereren. De huidige medicatiebewakingssystemen produceren echter een groot aantal onspecifieke signalen door onvoldoende personalisatie en lage klinische relevantie, wat leidt tot signaalmoeheid. Anticoagulantia zijn vaak betrokken bij deze signalen, maar er is weinig bekend over hun efficiëntie (d.w.z. het aandeel signalen dat leidt tot een interventie) in openbare en poliklinische apotheken. Daarom is een onderzoek opgezet met als hoofddoel het bepalen van het aandeel van medicatiebewakingssignalen voor anticoagulantia, dat leidt tot een interventie in Nederlandse openbare en poliklinische apotheken. Nevendoel was het bepalen van de efficiëntie van medicatiebewakingssignalen voor alle medicatie, het bepalen van de efficiëntie per type signaal en de geschatte tijd besteed aan de medicatiebewaking.
Methode
Een multicenter, eendaags, cross-sectioneel observationeel onderzoek werd uitgevoerd met een flashmob-opzet. Een flashmob-opzet is geschikt voor relatief eenvoudige vraagstellingen, waarbij veel deelnemers in weinig tijd de onderzoeksgegevens aanleveren. Alle openbare en poliklinische apotheken in Nederland werden uitgenodigd om deel te nemen. Apotheekmedewerkers werd gevraagd gegevens te verzamelen over het aantal en type medicatiebewakingssignalen over anticoagulantia en over alle medicatie op de onderzoeksdag, evenals het aantal uitgevoerde interventies en de geschatte tijd die werd besteed aan het beoordelen van de relevantie van de signalen. Interventies omvatten acties zoals het adviseren van voorschrijvers om recepten aan te passen of het geven van instructies aan patiënten. De primaire uitkomst was de efficiëntie van medicatiebewakingssignalen met betrekking tot anticoagulantia. Secundaire uitkomsten waren onder andere de efficiëntie van signalen voor alle medicatie, de efficiëntie per type signaal (zoals geneesmiddelinteracties) en de geschatte tijd die werd besteed aan het beoordelen van de relevantie van de signalen. Data-analyse werd uitgevoerd met beschrijvende statistiek.
Resultaten
Van de 2004 uitgenodigde apotheken namen 80 apotheken deel (50 openbare en 32 poliklinische), wat neerkomt op een responspercentage van 4,1% (2,6% voor openbare en 42% voor poliklinische apotheken). De efficiëntie van medicatiebewakingssignalen voor anticoagulantia was 0% (interquartiel range (IQR) 2,4%) voor G-standaard (of Healthbase) signalen en 0% (IQR 0%) voor signalen uit medisch-farmaceutische beslisregels. De efficiëntie van signalen voor alle medicatie was 1,8% (IQR 2,7%) voor de G-standaard/Healthbase en 0% (IQR 6,8%) voor de beslisregels. Signalen van geneesmiddelinteracties hadden de hoogste efficiëntie (4,0%, IQR 9,5%; in verband met de aantallen alleen bepaald voor alle medicatie). De geschatte tijd die nodig was om de relevantie van de signalen te beoordelen was ongeveer 2 uur per apotheek (01:54 uur, IQR 01:38). Er waren geen verschillen in efficiëntie tussen de verschillende apotheeksystemen of tussen openbare en poliklinische apotheken.
Conclusie
Dit onderzoek toont aan dat de efficiëntie van medicatiebewakingssignalen voor zowel anticoagulantia als alle medicatie laag is in openbare en poliklinische apotheken. Optimalisatie van de efficiëntie van medicatiebewaking is noodzakelijk om de patiëntveiligheid te verbeteren.